De drijvende kracht achter AI
6 mins to read this article
De drijvende kracht achter AI
Het debat over kunstmatige intelligentie verandert. Het gaat niet meer om de vraag of de technologie werkt.
De mogelijkheden van AI ontwikkelen zich sneller dan de fysieke wereld kan bijbenen. Dit kan kansen bieden voor beleggers.
Nvidia-topman Jensen Huang zei het in augustus duidelijk: “AI is nuttig geworden. En de AI-agents die overal worden gebruikt, vragen enorm veel rekenkracht.”
Die meerwaarde wordt steeds zichtbaarder in bedrijfspublicaties. Microsoft vertelde beleggers deze zomer dat bij één op de drie voorstellen om code te wijzigen (pull requests) op codeplatform GitHub een AI-agent betrokken is.
Niets hiervan is mogelijk zonder halfgeleiders. De chips doen waarvoor zij zijn ontworpen, en sneller dan verwacht. Ook de AI-modellen zelf verbeteren snel. Maar AI verschuift nu van vragen beantwoorden naar werk uitvoeren. En werk uitvoeren vraagt meer energie.
Waarom betere AI een infrastructuurvraag wordt
Betere modellen zijn nuttiger. Nuttigere modellen worden vaker gebruikt. En elke toepassing verbruikt elektriciteit.
OpenAI-topman Sam Altman beschreef waar dit eindigt: “...de kosten van intelligentie moeten uiteindelijk bijna gelijk worden aan de kosten van elektriciteit.”
Ook investeringen gaan steeds vaker naar de fysieke infrastructuur achter AI.
De helft van het verhaal dat we al kennen
De bedragen die in AI-infrastructuur worden geïnvesteerd, zijn uitzonderlijk groot. Volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA) zijn de kapitaaluitgaven van grote technologiebedrijven nu hoger dan de wereldwijde investeringen in de productie van olie en aardgas.

Een groot deel van deze uitgaven gaat naar halfgeleiders. Dit blijft de meest directe manier om in te spelen op het AI-beleggingsthema.
Minder bekend is de rest van de investeringen. Volgens een schatting voor een AI-datacenter op gigawattschaal vormen servers 60% van de totale eigendomskosten. De andere 40% bestaat uit alles wat nodig is om die servers te laten werken.
Dit deel van de totale investeringen kan kansen bieden voor beleggers.
AI verbruikt meer energie. Chips worden efficiënter, maar dat is nog niet genoeg
Elke nieuwe generatie AI-chips verbruikt meer stroom dan de vorige. Nvidia’s A100-accelerator was ontworpen voor 400 watt. Blackwell gebruikt 1.000 watt en opvolger Rubin zal naar verwachting nog meer stroom verbruiken. Het IEA verwacht dat de vermogensdichtheid van AI-servers tot 2027 opnieuw vier keer zo hoog wordt. Eén serverrack, ongeveer zo groot als een grote koelkast, kan binnenkort evenveel piekvermogen vragen als 65 huishoudens.
Ook de efficiëntie verbetert. Uit tests blijkt dat de nieuwste systemen per watt meer dan tien keer zoveel teksteenheden, ook wel tokens, verwerken als eerdere generaties. Volgens het IEA daalt het energiegebruik per AI-taak elk jaar met minstens een factor tien.
Toch blijft het totale verbruik stijgen. De vraag naar elektriciteit van datacenters groeide in 2025 met 17%. De vraag van locaties die vooral op AI zijn gericht, groeide met 50%.
Waarom dit belangrijk is
Verwachte elektriciteitsvoorziening voor datacenters, 2024 tot 2030
van het elektriciteitsgebruik van moderne datacenters komt van servers
van de extra vraag wordt naar verwachting tot 2030 opgevangen door hernieuwbare energie
Microsoft-topman Satya Nadella benoemde het mechanisme: naarmate AI efficiënter en toegankelijker wordt, zal het verbruik sterk stijgen. Economen noemen dit de ‘Jevons-paradox’. Tegen de verwachting in leidt meer efficiëntie tot een grotere totale vraag naar energie.
De beperking is fysieke infrastructuur
Het duidelijkste signaal komt van de bedrijven die de chips verkopen.
Nvidia-financieel directeur Colette Kress vertelde beleggers in februari dat elk datacenter wordt beperkt door de beschikbare stroom. Broadcom-topman Hock Tan was in september specifieker. Hij noemde grond, stroom en de gebouwen voor datacenters als beperkingen die bepalen wanneer AI-capaciteit beschikbaar komt. Microsoft-topman Satya Nadella zei dat hij processors heeft die hij niet kan inzetten omdat er geen geschikte gebouwen zijn om ze in te plaatsen.
Toezichthouders schetsen hetzelfde beeld. In Groot-Brittannië groeide de wachtrij voor aansluitingen op het elektriciteitsnet van 41 gigawatt naar 125 gigawatt. Datacenters zijn goed voor minstens 80 gigawatt van deze stijging. We merken daarbij op dat een deel van deze vraag speculatief kan zijn.
Dit is niet eenvoudig op te lossen. De bouwtijd van een elektriciteitsstation kan niet zomaar worden verkort.
Waar de kansen breder worden
Als we de hele keten volgen, van elektriciteitsproductie tot de chip, worden de bredere kansen zichtbaar.
Het begint bij de opwekking van elektriciteit. Het IEA verwacht dat hernieuwbare energie de helft van de wereldwijde groei in de vraag van datacenters opvangt. Opslag en het bredere elektriciteitsnet ondersteunen dit. Daarnaast worden gasturbines jaren voor levering besteld en groeit de belangstelling voor kernenergie. De eerste kleine modulaire kernreactoren komen naar verwachting rond 2030 in gebruik.
Daarna volgen transmissie en distributie: de elektriciteitsstations, transformatoren, schakelapparatuur en kabels die stroom van het net naar het gebouw brengen. Op gigawattschaal kan tot 40% van de stroom verloren gaan voordat die de rekenapparatuur bereikt. Dit komt vooral door inefficiënte koeling en overcapaciteit. Elektrotechniek is een concurrentiefactor geworden en niet langer een routinezaak.
En zoals bij alle elektriciteit eindigt het in warmte. Een geavanceerde AI-locatie moet per serverrack ongeveer evenveel warmte afvoeren als 30 cv-ketels op aardgas. Alleen luchtkoeling is niet genoeg. Systemen op basis van water worden steeds complexer. Afhankelijk van het ontwerp kan koeling 7% tot 30% van het elektriciteitsgebruik van een locatie vormen.
Daaromheen staan de netwerken die deze locaties verbinden, de nutsbedrijven die ze van energie voorzien, de aannemers die ze bouwen en de financiering van infrastructuur op deze schaal.
Elektrificatie, koeling, elektriciteitsnetten, nutsbedrijven en infrastructuurfinanciering staan niet los van het AI-thema. Hier komen de fysieke en digitale wereld samen. En in dit gebied zien we vandaag kansen.
Niet alle kansen zijn gelijk en het beeld verandert snel
Niets hiervan is zeker. Grote investeringscycli leveren niet overal hetzelfde rendement op. De uitvoering brengt echter risico’s mee. Financieringsvoorwaarden veranderen en waarderingen lopen soms vooruit op de daadwerkelijke resultaten.
Er is discussie over deze visie. In het eigen ‘Headwinds Case’ van het Internationaal Energieagentschap groeit de vraag bijvoorbeeld veel langzamer dan in het basisscenario.
Bij Quintet volgen we de kapitaaluitgaven van de grootste cloudbedrijven, ook wel hyperscalers, de bouw van datacenters, orders voor energie en elektriciteitsnetten en hoe deze zich vertalen naar winst. Wij stellen onze visie bij als de feiten veranderen.
De concurrentie om het beste AI-model te maken is groot. De voorsprong van een model is tijdelijk en onzeker. Veel zekerder is wat deze modellen nodig hebben om te draaien.
De chips worden aangesloten. De vraag is: wie verdient eraan voordat dit gebeurt?
Disclaimer
Dit document is bedoeld als marketingmateriaal. Dit document is opgesteld door InsingerGilissen, vestiging van Quintet Private Bank (Europe) S.A., (“InsingerGilissen”). InsingerGilissen staat onder toezicht van de ECB en CSSF en onder beperkt toezicht van AFM en de DNB. InsingerGilissen is kantoorhoudende aan de Herengracht 537 (1017 BV) te Amsterdam (KvK-nummer: 80510132). Quintet Private Bank (Europe) S.A. is statutair gevestigd te Luxemburg.
Dit document heeft uitsluitend een informatief karakter, vormt geen individueel (fiscaal of beleggings)advies en beleggingsbeslissingen kunnen niet uitsluitend gebaseerd worden op dit document. In geval een product, dienst of advies wordt genoemd, kan dit alleen worden gezien als samenvatting en nooit als de volledige informatie. Alle (fiscale beleggings)beslissingen op basis van de genoemde informatie zijn voor uw rekening en risico. U dient zelf te (laten) bepalen of het product of de dienst voor u geschikt is. InsingerGilissen en haar werknemers kunnen niet aansprakelijk worden gehouden voor verlies of schade die voortvloeit uit het gebruik van (een deel van) dit document.
Dit document is gebaseerd op algemeen bekende en/of door ons betrouwbaar geachte bronnen. Hoewel alle redelijke zorg is betracht ten aanzien van de juistheid en volledigheid van de gegevens, kunnen wij niet aansprakelijk worden gehouden voor de inhoud van dit document, voor zover het op die bronnen is gebaseerd.
De opgenomen informatie is aan veranderingen onderhevig en InsingerGilissen heeft na de publicatiedatum van de tekst geen verplichting om de informatie overeenkomstig aan te passen of daarover te informeren.
InsingerGilissen is houder van het auteursrecht op de inhoud van dit document, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. Het is niet toegestaan om de inhoud van dit document geheel of gedeeltelijk, op welke wijze dan ook, te vermenigvuldigen of verder te verspreiden zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van InsingerGilissen. In het privacy statement op onze website staat hoe wij met uw gegevens omgaan (https://www.insingergilissen.nl/nl-nl/privacyverklaring-en-cookies).

